Al eerder schreef ik over manden – dat ging over kunststof fietsmanden; de rechtbank Den Haag moest oordelen over inbreuk op o.m. auteursrecht op een speciaal ontwikkelde hondenfietsmand (blauw) door een fietsmand waar ook een hond in vervoerd kan worden (groen). (Afbeeldingen uit uitspraak). De rechtbank oordeelde dat geen sprake was van inbreuk op model- en auteursrecht).

Recent heeft de rechtbank Den Haag opnieuw een uitspraak gedaan over manden – dit keer over rotan manden met een kunststof binnenpot. Ook hier gaat het om modelrecht en auteursrecht.

In dit kader is het vermelden waard dat in de recent verschenen Kroniek van de intellectuele eigendom  (NJB 2026/1045) door Jorn Torenbosch en Alexander de Leeuw wordt gewezen op twee uitspraken van het Hof van Justitie EU over modelrecht en auteursrecht (Mio en Deity Shoes), waarin de wezenlijk andere beschermingscriteria voor modelrecht en auteursrecht verduidelijkt worden.

Voor modelrechtelijke bescherming moet de verschijningsvorm van het model nieuw zijn – en dat is al zo als er geen identiek eerder model op de markt was – en een eigen karakter hebben. Dat laatste is zo als de algemene indruk bij de geïnformeerde gebruiker verschilt van die (algemene indruk) van reeds bestaande modellen (het vormgevingserfgoed). De drempel voor modelrechtelijke bescherming is laag.

Voor auteursrechtelijke bescherming is meer nodig, dan moet sprake zijn van een eigen intellectuele schepping van de maker, die de persoonlijkheid van de maker weerspiegelt en die geuit wordt door diens vrije en creatieve keuzes. De drempel voor auteursrechtelijke bescherming is daardoor hoger.

In de recente manden-zaak waarover de rechtbank Den Haag moest oordelen stond vast dat de eisende partij een modelrecht had en ook auteursrecht, op door haar geproduceerde en verkochte rotan manden met plastic binnenpot. Bij de mand van de eisende partij, Drypot genoemd, was het rotan niet over de bodem van de plastic binnenpot gevlochten, de bodem was vrijgelaten:

(foto’s uit de uitspraak)

De Drypot rotan mand (met plastic binnenpot) verschilde op dat punt van de reeds bestaande rotan manden (al dan niet met plastic binnenpot), omdat die allemaal een rotan gevlochten bodem hebben.

Dat gold ook voor de rotan manden met een plastic binnenpot die de gedaagde produceerde en verkocht onder de naam ‘water baskets’:

(foto uit de uitspraak)

De overige kenmerken van de rotan gevlochten manden (al dan niet met plastic binnenpot) zoals de vorm, de manier van vlechten en de afwerking van de rand waren verder voor alle rotan manden (die van eisende en gedaagde partij, en van andere aanbieders) hetzelfde.

De rechtbank stelde voorop dat de beschermingsomvang van het modelrecht van de eisende partij beperkt is. Het meest onderscheidende element van de Drypot-manden is het ontbreken van een gevlochten rotan bodem, terwijl de water baskets niet afwijken van bestaande modellen op de markt (het vormgevingserfgoed). De geïnformeerde gebruiker (de inkopers van rotan manden) valt dit verschil op. Omdat het ontbreken van de bodem het belangrijkste onderscheidende kenmerk van de Drypot-modellen is en de water baskets van de gedaagde partij bij de geïnformeerde gebruiker een andere algemene indruk wekken, is geen sprake van inbreuk op de modelrechten van de eisende partij.

De rechtbank stelde daarnaast vast dat de Drypot-manden auteursrechtelijk beschermde werken zijn. De creatieve keuze zit vooral in het weglaten van het rotan vlechtwerk over de bodem. In dit geval wordt om inbreuk te kunnen vaststellen alleen gekeken naar creatieve elementen. De gedaagde partij had juist dat specifieke creatieve element – het weglaten van de rotan gevlochten bodem – niet overgenomen. Omdat de water baskets wel een normale gevlochten bodem hebben, ontbreekt auteursrechtelijk relevante overeenstemming. Van auteursrechtinbreuk is daarom geen sprake.

Het beroep op slaafse nabootsing dat de eisende partij nog deed strandde ook. Volgens de rechtbank hebben de Drypot-manden op de relevante markt slechts in beperkte mate een eigen gezicht, omdat veel van hun uiterlijke kenmerken gebruikelijk zijn binnen het bestaande aanbod van rotan manden. Het enige duidelijke onderscheid zit in de bodemconstructie. Nu de water baskets juist op dat punt verschillen, is verwarring niet te vrezen.

De uitspraak laat zien dat de beschermingscriteria voor modelrecht en auteursrecht verschillen. Ook voor een geldig geregistreerd model is de beschermingsomvang beperkt. Voor het auteursrecht gelden hogere beschermingscriteria, maar kan zoals in dit geval slechts één onderscheidend detail, het ontbreken van een rotan gevlochten bodem, beslissend zijn of al dan niet sprake is van inbreuk.

Dit artikel is geschreven door

Fleur van Tol

Senior advocaat